Geschiedenis

De geschiedenis van Van der Waals is door Frans Snik, secretaris van het bestuur van 1999/2000, “Evolutie: tempora mutantur”, geschreven voor het lustrumboek “Attractie”, ter ere van het achtste lustrum van SVTN “J.D. van der Waals”. In juni 2013 heeft Jo Kobussen (een lid uit de beginjaren van de vereniging) een email met commentaar naar aanleiding van dit artikel geschreven. Deze is hier te vinden.

In den beginne was er geen natuurkunde, althans niet op de THE. De natuurkundevakken waren samen met de wiskundevakken ondergebracht bij de sectie Algemene Wetenschappen, gevestigd in het huidige bedrijfskundepaviljoen. Deze vakken werden gegeven voor de curricula van de studies Scheikundige Technologie, Werktuigbouwkunde en Elektrotechniek. Doch in 1958, één jaar na de oprichting van de THE, werd deze fout ingezien en werd er besloten tot het aanbieden van een aparte studie Technische Natuurkunde. In september 1960 zag deze het licht.

En bij een studie hoort een studievereniging. Zulke verenigingen bestonden al bij de drie eerder genoemde studierichtingen. Een groep verse natuurkundestudenten, veelal overgestapt van Elektrotechniek, concludeerde dat ook Technische Natuurkunde zulk een vereniging verdiende en vormde een Comité van Oprichting. Deze groep bestond uit Piet van Dalen, Johan van der Heide, Piet Janssen en Hans Papenhuysen. Na een korte periode van voorbereidend werk werden op 6 oktober 1960 alle studenten Natuurkunde bijeengeroepen in het zeshoekige vertrek in het Paviljoen, dat overigens nu nog steeds bestaat, voor de oprichting van de studievereniging. De vereniging kreeg de naam Studievereniging voor Technische Natuurkunde “Johannes Diderik van der Waals”. Met een klap van een asbak op de tafel werd de geboorte van de vereniging bevestigd (zie foto). Vervolgens werden de voorlopige statuten voorgelezen en het eerste bestuur officieel ingesteld. De contributie werd vastgesteld op een jaarlijkse bijdrage van ƒ 7,- (€ 3,18). Naast alle verse natuurkundestudenten ( Thor verloor leden en Simon Stevin één) werd ook een aantal werkstudenten van Philips lid, die omdat ze wat ouder waren in het begin veel voor de jonge studievereniging hebben betekend.

De eerste brief die de vereniging ontving bevatte de gelukwensen van professor J.D. van der Waals jr., hoogleraar natuurkunde in Amsterdam. Later werd met behulp van de decaan van de faculteit bij Van der Waals junior het verzoek ingediend voor replica’s van de Nobelprijspenning van Van der Waals. Een paar maanden later stuurde Van der Waals junior vijf stuks. Deze werden ingesteld als bestuurspenningen en door het bestuur bij officiële gelegenheden gedragen (zie foto).

Na de oprichting ging het kersverse bestuur aan het werk. En aangezien er nog geen verenigingsruimte was, gebeurde dat werk vooral op kamers van de professoren, nog steeds in het Paviljoen. Dit is te verklaren doordat de band tussen de studievereniging en de faculteit erg sterk was. Niet allen bij de professoren, maar ook bij hun secretaresses waren de leden van Van der Waals veel geziene gasten. In ruil voor chocolade konden ze daar gratis gebruik maken van bijvoorbeeld de telefoon. Dat het daar niet bij bleef, blijkt uit het feit dat de secretaresses veel gevraagd werden voor een etentje. Daarbij zijn zelfs huwelijken ontstaan tussen bestuursleden en secretaresses.

Bij het inrichten van de nieuwe opleiding Technische Natuurkunde heeft Van der Waals gevraagd en ongevraagd veel advies gegeven. Het besturen van een studievereniging gebeurde toentertijd immers nog naast de studie. Vooral de propedeutische fase (P1) bleek nogal wat problemen op te leveren bij de leden van Van der Waals, waarop zij met succes een lobby hebben gestart voor de verbetering daarvan. Wat later heeft Van der Waals op verzoek van de faculteit zich beziggehouden met het begeleiden van jongerejaars bij hun studie. Dit persoonlijke contact heeft meteen ook gevolg gehad dat de 200 natuurkundestudenten onderling een grote band kregen. Dit ondanks het feit dat toentertijd de studievereniging helemaal niet bedoeld waren voor de gezelligheid. Daarvoor waren de corpora waarvan de meeste studenten toen lid waren. Toch ontstond er bij Van der Waals al snel een gemoedelijke sfeer die zijn uitdrukking vond in Van-der-Waalslunches, koffietafels en kerstdiners en de vorming van een heus dispuut. Het merendeel van de natuurkundestudenten deed daaraan mee, want ondanks het feit dat Van der Waals toen nog geen boeken verkocht, was iedereen lid.

Naast de gezelligheid werd toch vooral de nadruk gelegd op studiegerichte activiteiten, zoals lezingen en wetenschappelijke filmavonden. In 1963 ontstond naast de Binnelandse (BiEx) de Buitenlandse Excursie, kortweg BuEx. Bij een BiEx werd veeal een bedrijf bezocht, zoals niet geheel ontoevallig Philips. Ook toen al met goede lunch.

Van der Waals dreef financieel gezien volledig op bijdragen van de faculteit en van donateurs. Alle hoogleraren waren donateur en toevallig ook minister-president De Quay. Deze had zijn steun betuigd toen hij nog werkzaam was bij de provincie Noord-Brabant. De vereniging heeft daarna altijd donateurs gehad. In de jaren 90 werd de mogelijkheid geboden om voor ƒ 150,- “donateur voor het leven” te worden. Omdat een medewerker dit een te laag bedrag vond, is ook de mogelijkheid geboden om voor het dubbele bedrag “donateur voor het leven en daarna” te worden.

In 1961 werd besloten tot de uitgave van een verenigingsblad. Adri Verhoevenwerd de eerste hoofdredacteur en wellicht door zijn journalistieke achtergrond kreeg het blad de naam “Koerier”. De functie van hoofdredacteur werd al snel even belangrijk als een bestuursfunctie. De Koerier kwam acht keer per jaar uit in de eerste jaargang en werd al snel het lijfblad van de natuurkundestudent. Het binnenwerk was gestencild, ongetwijfeld met een stencilmachine op de faculteit, maar al in de tweede jaargang had de Koerier een gedrukte kleurenkaft. In 1965 produceerde de Koerierredactie een heus lustrumboek. Dat de jaargang van de Koerier een jaar achterliep bij de leeftijd van de vereniging heeft meerdere keren geleid tot het ‘kwijtraken’ van een jaargangnummer bij de Koerier.

Maar zo voorspoedig als de vereniging was gegroeid, zo snel ging het ook weer bergafwaarts. Al vanaf 1962 droeg het bestuur namelijk geen jacquets meer, al kwam dat voornamelijk door de grote cultuuromslag die plaatshad in Nederland: de “democratisering”. Het officiële karakter van de vereniging werd in twijfel getrokken en de Algemene LedenVergaderingen werden schaarser. Bij de bezetting van de THE in 1964 kreeg Van der Waals een waarschuwing dat de vereniging zich hierbij niet aan mocht sluiten. Het lustrumboek van 1965 spreekt voor het eerst over een terugloop en zelfs een tekort aan actieve leden. En in 1967 ging het mis…

Het bestuur van 1967-1968 werd niet verkozen door de ALV, maar door een ballotagecommissie. Toen dit bestuur geen opvolgers kon vinden, ging een deel van de bestuursleden noodgedwongen door als bestuur ‘ad interim’. Niet dat deze mensen zo’n groot hart hadden voor de vereniging, want een van hen, nu een gerespecteerd professor op de faculteit, verklaart dat hij in zijn bestuursjaren “niks heeft uitgevoerd”. Hij weet ook niet hoe het zich na het interim-bestuur weer een volgend bestuur heeft kunnen vormen. Allen met de penningmeesterzaken is nog een beetje serieus omgesprongen: bij een grote hoeveelheid geld in kas werd een heel duur feest gegeven. Dit waren wel de eerste echte feesten die de vereniging kende.

Hoe het bestuur over de vereniging dacht, kan worden geïllustreerd met het feit dat rond die tijd de vijf bestuurspenningen zijn kwijtgeraakt. Ze zijn waarschijnlijk door een aantal bestuursleden als persoonlijk opgeëist. Verder heeft in 1969 ook de verhuizing van de faculteit van het paviljoen naar n-laag plaatsgevonden (rond die tijd waren ook plannen voor n-hoog, ergens tussen n-laag en w-hoog, maar die zijn afgeblazen door tegenvallende studentenaantallen). Bij die verhuizing is het grootste deel van het archief van Van der Waals door de bestuursleden vernietigd.

De enige zaken die Van der Waals in deze periode in leven hebben gehouden, waren de BuEx en de Koerier. De Koerier had evenwel als functie als verenigingsblad verloren en werd meer een soort protestblad. Al in 1962 is er door Jo Kobussen begonnen met het verspreiden van marxistische geluiden (midden in katholiek Brabant!). In deze periode is dat door een groot deel van de “actieve” leden, voornamelijk alleen het bestuur, van Van der Waals overgenomen. In de Koerier verschenen stukken over de klassenstrijd in n-laag met de opmerking dat, omdat de titel “professor” toch niets voorstelde, dan ook maar de kantinemedewerkers aan te spreken met “professor”.

Dat Van der Waals het goede contact met de faculteit had verloren, had mede te maken met de invoering van de WUB (Wet Universitaire Bestuurshervorming), waardoor de studenteninspraak meer gereguleerd werd om verdere onrusten te voorkomen. Het overleg over het onderwijs vond zo niet meer gemakkelijk in de wandelgangen plaats. Van der Waals kende vanaf 1967 een OnderwijsCommissie en vanaf 1976 een onderwijscommissaris in het bestuur. Deze onderwijscommissaris werd blijkbaar niet voldoende gevonden door de studenten, want in 1981 werd STOOR, de STudenten Onderwijs ORganisatie opgericht. Deze organisatie was onafhankelijk van Van der Waals, maar werkte in de eerste twee jaar nog samen met de onderwijscommissaris. Het bleek voor Van der Waals en voor STOOR beter dat alle onderwijszaken bij STOOR terechtkwamen en er werd geen onderwijscommissaris meer aangesteld. STOOR ging een eigen blad uitgeven, de STOORzender, die omgekeerd achterop de Koerier werd bevestigd. Later is de STOORzender opgegaan in de Koerier.

Rond de helft van de jaren zeventig ontstond er weer wat leven in de brouwerij, doch met een sterk sociaal-maatschappelijke inslag. Zo werd een oud-papiercommissie ingesteld die er zorg voor droeg dat het oud papier terecht bij een tehuis voor daklozen. En bij een excursie naar een kerncentrale werd duidelijk zichtbaar anti-kernenergiespeldjes gedragen, hetgeen niet echt in dank werd afgenomen. In tegenstelling tot Thor, dat zich altijd corporaal heeft proberen op te stellen. In 1968 is een voorstel aangenomen dat leden van Thor die vonden dat hun belangen niet goed behartigd werden door hun vereniging, voor ƒ 2,50 lid mochten worden van Van der Waals. Toen leden van het toen nog meer noodlijdende Thor zich op deze rekening beriepen, werden ze geweigerd door het bestuur. Ook de VvTP uit Delft kwam in 1975 met een verzoek om samenwerking. Dit is geprobeerd en weer afgeblazen.

Vanaf 1978 werd ook het “aperiodiek” de Koerier weer nieuw leven ingeblazen. Het blad werd volgetekend doro Dick Sterenborgh en ook stukjes werden weer positiever. Tot 1983 is de Koerier met behulp van een stencilmachine gefabriceerd. Toen die machine de neiging kreeg om regelmatig kapot te gaan, werd gekozen voor de diensten van de Repro.

Het oprichten van de Borrel in 1978 luidde een nieuw tijdperk in.

Ondanks het feit dat het nog de tijd was dat vrouwelijke studenten (en dus ook Van-der-Waalsbestuursleden) nogal eens zwanger warden, raakte Van der Waals weer erg in trek bij de natuurkundestudenten en ook bij de faculteit. Het bestuur stelde zich weer als doel om veel activiteiten te organiseren, ondanks het feit dat het besturen naast de studie moest gebeuren. Vanaf deze tijd zijn er veel (denk-)sporttoernooien georganiseerd. Van der Waals ging zich weer actief bezighouden met de Introductie van eerstejaars, waarna alle eerstejaars lid werden van de vereniging. Als een soort vervolg op die Intro werd vanaf 1980 het Maagdenburger Halve Bollenfestijn gehouden. Hierbij was het de bedoeling dat een constructie gebouwd moest worden waarmee door geluid te produceren de luchtdruk in de halve bollen toenam. Wie de bollen als eerste los kon trekken, had gewonnen. Dit festijn is een keer door de TROS op televisie uitgezonden. Later is van de opzet van de constructiewedstrijd afgeweken, omdat uitgevonden was dat met een bepaalde constructie en frequentie de bollen zo van elkaar gingen. Dispuut PerpeTUE Mobilé heeft later deze traditie weer opgepikt. De bollen worde nu gebruikt door het Natuurkundecircus.

Een ander groot evenement dat in deze periode zijn oorsprong had, is de jaarlijkse Sinterwaalsviering. Hiermee was het bestuur vanaf de wisseling vrijwel onafgebroken bezig. Sinterwaals zette medewerkers en studenten eerst flink te kijk, alvorens zij hun cadeau kregen en daardoor berucht, zo niet gevreesd. Daardoor hebben vele acties plaatsgevonden om Sinterwaals te verhinderen zijn standaardoutfit aan te trekken of om überhaupt zijn opwachting te maken. Maar als hij dan naar n-laag kwam, dan zat ook de gehele kantine vol met zowel studenten als medewerkers. Sinterwaals had dan ook spectaculaire manieren om de zaal te betreden: met een ladder door het raam, met een fles bier in zijn hand of op een fiets.

Bij Van der Waals konden studieboeken, rubberbijbels en logaritmisch papier worden gekocht. Een bepaald lid van de practicumleiding maakte studenten zelfs wijs dat Van der Waals dubbellogaritmisch papier met een 0-as verkocht.

In 1985 werd het verenigingslustrum voor het eerst weer uitbundig gevierd. Er werd een lijvig lustrumboek gemaakt op een nog lijviger mainframecomputer. Dit boek werd uitgebreid met wetenschappelijke publicaties onder redactie van Sarlemijn, een professor aan de faculteit. Daarom kreeg het boek ook een ISBN-nummer. Het boek werd overigens vernoemd in de bibliografie van J.D. van der Waals. Bij het lustrum werd ook een reünie gehouden, waarbij het eerste bestuur een sketch opvoerde. Dit bestuur had nog een verrassing in petto: de vereniging kreeg zeven nieuwe replica’s van de bestuurspenningen aangeboden. Daarna zijn er nog drie extra bijgemaakt, omdat de vereniging volgens de statuten negen bestuursleden kan hebben.

Aan het eind van de jaren tachtig was Van der Waals weer een stabiele vereniging, waarvan het overgrote deel van de natuurkundestudenten lid was. Er werden regelmatig ALV’s en BLV’ (Bijzondere LedenVergaderingen, door de leden bijeen geroepen) gehouden en de statuten en het Huishoudelijk Reglement werden weer bekeken en gewijzigd in 1982. Verder heeft Van der Waals zich op verzoek van de faculteit bezig gehouden met het werven van natuurkundestudenten op middelbare scholen.